TKKR.taal

007 - Artikel - Twents voor de toekomst

Goaitsen van der Vliet
22 maart 2022
01:15
Twents voor de toekomst

[Ongeveer zoals gepubliceerd in TKKR. Magazine van maart 2022]

Op onregelmatige tijden verschijnt hier een aflevering van de rubriek TKKR.TAAL met teksten in of over het Twents. Dit vanuit de gedachte dat de taal van Twente er gewoon bij hoort en nog steeds geliefd is, vooral onder de oudste generaties, als omgangstaal om zich beter te kunnen uitdrukken in de eigen vertrouwde omgeving, of uit meer nostalgische overwegingen. Het enorme succes van producties als Hanna van Hendrik (2019) en De beentjes van Sint Hildegard (2020) geeft wel aan dat de streektaal nog lang niet is uitgerangeerd. Toch moeten we met beide benen op de grond blijven staan en vaststellen dat het aandeel platsprekers met het klimmen der jaren onherroepelijk afneemt. Dat komt omdat niemand het eeuwige leven heeft en de kinderen bij voorkeur, ook op het platteland, worden opgevoed in het Nederlands, of wat daarvoor door moet gaan. Van het behoud van een oude modersproake kan dan geen sprake meer zijn, hoeveel aandacht en subsidie je er ook aan zou besteden. Het zijn de mensen die het doen, of laten, in dit geval. Ook al vinden ze het vaak wel jammer dat de taal van hun ouders of voorouders gedoemd is te verdwijnen.

Hoe behoud je een taal als de mensen dat zelf niet doen in het maatschappelijk verkeer? Niet dus. Het enige wat je voor ‘het nageslacht’ kunt doen, is er zoveel mogelijk van bewaren en toegankelijk maken voor belangstellenden. Dat zullen er wel niet zo veel meer zijn over enkele generaties, als ook het ‘echte’ Twents als dode taal kan worden aangemerkt.
Het enige wat de wereld dan nog rest van dit cultureel erfgoed, zijn de geschriften en geluidsopnames die de tand des tijds hebben doorstaan. Waar overigens, voor de goede verstaander, veel uit te leren valt. Niet alleen over de mensen die de overgeleverde teksten schreven, over hun gedateerde leefwijzen en hun naaste omgeving, maar ook over een veel vroegere geschiedenis, uit de gebruikte taal zelf, de woordenschat en de uitdrukkingen.

De pioniers van het Twents
In dit verband citeer ik altijd graag een anekdote over de Friese taalvorser Joost Hiddes Halbertsma (1789-1869), opgetekend door Mr. Sloet tot Olthuis, burgemeester van Hengelo van 1832 tot 1838: Het eerst kwam hij mij bezoeken, toen ik nog te Hengelo was. Het was een regt schoone lentedag, en wij gingen in den spaden avond den nachtegaal hooren op de plek, waar ons thans de spoorwegfluit het trommelvlies verscheurt. Al koutende werd het zeer laat en keerden wij door het eenzaam Drienensche veld terug. In het volle maanlicht bragt ik hem op den top van een grooten tumulus of grafterp, die men daar nog veel vindt. “Zoo is er dan van het geslacht, dat hier geleefd heeft”, zeide ik, “niets overgebleven dan een kruik met asch en wat verschroeide beenderen en verroest ijzer.” - “Neen!”, antwoordde hij, “nog iets meer: dat volk leeft nog in zijne taal, als men het daar maar weet uit te halen.” Aldus in De Vrije Fries 1873, pag. 40.

Het was deze Halbertsma die in 1835 aan de wieg stond van de Twentse taal- en letterkunde. Aan het eind van dat jaar publiceerde hij als grondlegger en redacteur van de Overijsselsche Almanak voor Oudheid en Letteren zijn eigen Woordenboekje van het Overijsselsch met veel aandacht voor specifiek Twentse woorden, en van B.W. Blijdenstein sr. het 168 regels tellende Twenther brul’fteleed. Dit gelegenheidsgedicht uit 1811 in het Haverströats en Labbedieks. de oude taal van Enschede, voorzag hij van acht bladzijden Ophelderingen.


Hierboven: Joost Hiddes Halbertsma (Grouw 1789-1869 Deventer)

Een en ander inspireerde de in Enschede geboren leraar J.H. Behrns (1803-1883) tot het maken van een Woordenlijst van het Twentsche dialect en het schrijven van het allereerste voor publicatie bestemde Twentse gedicht, getiteld Fier. Het werd opgenomen in de Almanak voor 1837.

Zie zoo, now sprek ik van geluk,
En haal de deuze oet ’n tuk,
En smook ne piepe vol tabak,
En goa noar hoes op mien gemak.

De blesse had et ook wal zwoar,
Den schoem steet em op hoed en hoar.
Hee hank den kop, em sleet den boog,
Hee dech misschien: ’t is ook genoog.

Now jonge, loat den ploog meer stoan,
Hee zal di-j doar nich lopen goan:
Hee wacht di-j wal tot morgen vroo!
Now ik noar ’t wief en dow noar ’t stroo.

Letterlijke vertaling: Zie zo, nu spreek ik van geluk, / En haal de doos uit m’n zak, / En rook een pijp vol tabak, / En ga naar huis op m’n gemak. // De bles had het ook wel zwaar, / Het schuim staat hem op huid en haar. / Hij laat z’n hoofd hangen, hij ademt zwaar, / Hij denkt misschien: zo is ’t ook wel genoeg. // Nou jongen, laat die ploeg maar staan, / Hij zal er niet vandoor gaan: / Hij wacht wel op je tot morgenvroeg! / Nu ik naar m’n vrouw en jij naar ’t stro.

Dezelfde Behrns was in 1839 zijn tijd ver vooruit met zijn taalstudie Over de Twentsche vocalen en klankwijzigingen. Anderhalve eeuw later werd dit onderzoek door taalkundigen pas echt op zijn waarde geschat.



Hierboven: Johannes Henricus Behrns (Enschede 1803-1883 Franeker)

Of er in de verre toekomst onderzoekers zullen zijn die zich met het Twents bezig gaan houden, valt moeilijk te voorspellen, maar zeker is wel, dat ze niet veel moeite hoeven te doen om een overzichtelijk beeld te krijgen van de Twentse taal- en letterkunde. Vooropgesteld dat ze tegen die tijd nog toegankelijk zijn, zal met de Twentse Taalbank en het Dialexicon Twents de taal van Twente een van de best gedocumenteerde kleine streektalen zijn. Dat is ook nu al het geval. Toch blijkt hier nog maar een beperkte groep van op de hoogte te zijn. Vandaar dat ik deze voor iedereen toegankelijke digitale naslagwerken nog even aan jullie voorstel.

Twentse Taalbank
De Twentse Taalbank is een taal- en letterkundig archief en documentatiecentrum, opgericht in 2010 als onderdeel van de Oudheidkamer Twente, met subsidie van Provincie Overijssel en Mondriaan Fonds. Sinds 2013 is dit systeem voor iedereen toegankelijk op www.twentsetaalbank.nl. In de databank waar de website mee verbonden is, staan ondertussen bijna 19.000 teksten geregistreerd, de meeste in of over het Twents van de laatste twee eeuwen. Meer dan 4000 daarvan kunnen online worden gelezen of beluisterd: artikelen, verhalen, gedichten, liedjes en zelfs hele boeken. Als je geen zin hebt om de bijbehorende toelichting te lezen, is het eerst misschien wat moeilijk om te vinden wat je zoekt, maar als je het eenmaal doorhebt, gaat er een wereld voor je open. Zo kun je bijvoorbeeld van meer dan 2000 auteurs vinden wat ze allemaal aan het papier hebben toevertrouwd, of in ieder geval een groot deel daarvan. Ook de hiervoor genoemde negentiende-eeuwse teksten zijn er te vinden. De website werkt het best op een ‘gewone’ computer of laptop.

Dialexicon Twents
Het Dialexicon Twents is een gratis digitaal woordenboek met ondertussen bijna 60.000 Twentse trefwoorden en 35.000 uitdrukkingen in het deel Twents-Nederlands. Ter vergelijking: het bekende Twents Woordenboek (1991) van meester Dijkhuis uit Borne (ook wel n Dikn Diekhoes) is met 29.000 Twentse trefwoorden nog niet half zo ‘dik’. Onmisbaar voor streektaalschrijvers is het deel Nederlands-Twents met 28.000 Nederlandse trefwoorden en 33.000 uitdrukkingen. Het systeem bevat ook allerlei flantuutn (toeters en bellen), zoals een Twents rijmwoordenboek, een vertaalspel en voor de gevorderden alle mogelijke zoekfuncties en statistieken. Het programma draait voorlopig alleen nog op Windows-systemen, maar een online-versie is in voorbereiding. Het installatieprogramma kun je downloaden via Taalbank-pagina www.twentsetaalbank.nl/media/teksten/6.html
De installatie kan wat moeite kosten, zeker als je de aanwijzingen niet nauwkeurig opvolgt, maar als het eenmaal gelukt is, eventueel met wat technische assistentie, dan heb je ook wat.

Völ wil der met!

Goaitsen van der Vliet

Meer TKKR.TAAL op https://www.tkkr.nl/tkkrtaal