Tussen de linies

De karavaan van Gelsenkirchen

Tom Luttikhuis
11 mei 2022
18:53
Tijdens FC Twente – Fortuna Sittard hing er een spandoek onder de tribunes van Vak-P, een oppepper voor een vriend die minder dan honderd kilometer verderop woont. De boodschap was doordrenkt van broederliefde: ‘Schalke, succes met de laatste loodjes en op naar de Bundesliga.’

Het was niet de eerste keer dat fans van Schalke of Twente elkaar een hart onder de riem staken. Vorig jaar, toen de club uit Gelschenkirchen in zwaar degradatieweer verkeerde, lieten de fans van Vak-P al weten dat ‘de clubs altijd samen zouden strijden, waar of wanneer dan ook’.

Clubliefde kent geen divisie. Helemaal waar, maar het is wel een stuk leuker om lief te hebben in de hoogste klasse. En nog liever op Europese hoogten.

Ik herinner me nog goed dat ik op een koude decemberavond met m’n broertje in de Grolsch Veste was. Woensdag 3 december, 2008. Uefa Cup. Twente tegen Schalke. Het is een dag die ik niet vergeten kan. De fans van beide ploegen die elkaar toezongen, een gezamenlijke sfeeractie, bikkelharde duels tussen Wielaert en Kuranyi, tussen Höwedes en N’Kufo. Broederliefde naast en strijd op het veld. Onvergetelijk.

Het absolute hoogtepunt was de heldendaad van Theo Janssen, voor eens niet veroorzaakt door zijn linkervoet, maar door zijn billenpartij. In dertien tellen wist hij het bloed van Fabian Ernst en Rafinha tot een kookpunt te brengen door de bal af te schermen bij de hoekvlag én er een inworp aan over te houden. Dertien tellen! Onder de neus van Vak-P.

Maar er is nog een moment dat me altijd is bijgebleven. En dat is te danken aan Kevin Kuranyi. Groot. Gespierd. Een vieze ringbaard. Het was alsof hij net van de set van een Duitse pornofilm uit de jaren tachtig gestapt was. Tijdens de wedstrijd sjokte hij over het veld, krachten sparend voor wat er echt toe deed: duels uitvechten met Wielaert en Douglas. Hij sleurde en duwde, trok aan shirts en kneep in spieren. Hij deed er alles, maar dan ook alles aan om te winnen. Mekkeren, drammen, zaniken.

Schitterend.

Tegen het einde van de tweede helft, toen Twente met 2-1 voorstond, en Sander Boschker een uittrap wilde nemen, schopte Kuranyi de bal voor de voeten van de doelman weg om vervolgens luid schreeuwend en druk gebarend naar de scheidsrechter te rennen. De arbiter trapte met beide benen in dit – eerlijk is eerlijk – prachtige stukje matennaaierij en gaf Boschker een gele kaart voor tijdrekken. Op de tribune kon ik niet anders dan lachen. Een kakkerlak mep je plat, voor een rat zet je een val, maar een vos heeft iets aaibaars, hoeveel kippen ‘ie ook doodbijt. Kuranyi heeft zijn kicksen al ruim vijf jaar aan de wilgen hangen. Het pad van zijn carrière is afgewandeld, zijn reis is ten einde.

Maar dat geldt niet voor Schalke. Een voetbalclub is een karavaan. Bij iedere stad blijven reizigers achter en sluiten anderen aan. Soms ten goede en soms ten kwade van de kwaliteit van de stoet. Soms doet het een prachtige stad aan waar het van kampioenschalen eet en uit dennenappelvormige bekers drinkt. Soms houdt de karavaan halt in een stoffig woestijndorp waar het werk onbevredigend is. Maar een ding is zeker: het blijft nooit lang op dezelfde plaats. Beweging is de enige constante factor. Verandering, zowel een uitweg als ondergang. De karavaan die Schalke ‘04 heet vond een uitweg. De stoffige weg die langs Heidelheim, Ingolstadt en Aue liep, is verruild voor een geplaveid pad dat via Dortmund, Berlijn en Leipzig naar München leidt.

De karavanen van Twente en Gelsenkirchen hebben toendra’s doorkruist en marcheren richting vruchtbare valleien. Dat hun wegen elkaar ergens zullen kruisen is onvermijdelijk. Ooit ontmoeten ze elkaar op een Europese avond. Misschien in 2023 al … Auf geht’s!

Tom Luttikhuis is sportfanaat. Schrijven is zijn grote passie. Tekenen doet hij al sinds zijn jeugd. Voor TKKR schrijft hij verhalen over bekende en minder bekende Twentse sporthelden. Op zijn website www.akkapanna.com is meer werk van hem te lezen en te zien.